Ga naar de inhoud

De buurtsportcoach van nu is allang niet meer alleen de uitvoerder van sportactiviteiten in de wijk. Het werkveld verandert en daarmee verandert ook de rol van buurtsportcoach. De focus ligt niet meer alleen op sport en bewegen, maar ook steeds meer op thema’s als inclusie, gezondheid, kansengelijkheid en samenhang in de wijk. Exact deze verschuiving vraagt om een andere focus en daarbij horende nieuwe vaardigheden. Tegelijkertijd vindt er steeds meer groei plaats bij de professional zelf. Vanuit ambitie of juist omdat het werk daarom vraagt. Juist in die ontwikkeling ligt een kans: voor de buurtsportcoach, voor werkgevers en voor gemeenten. 

Team Sportservice mag deze opdracht uitvoeren voor de Landelijke Academie Buurtsportcoaches (LAB) Noordwest en Zuidwest. In samenwerking met buurtsportcoaches, gemeenten en organisaties kijken we naar hoe professionals kunnen blijven groeien in een veranderende en uitgebreidere praktijk. 

Groei binnen de bestaande rol 

Binnen de rol van buurtsportcoach verandert er dus veel, waardoor de coach eigenlijk meerdere functies tegelijkertijd vervult. De buurtsportcoach werkt bijvoorbeeld steeds vaker samen met onderwijs, zorg, welzijn en gemeenten. De rol verschuift, zoals ook blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut. De professioneel wisselt van uitvoerder naar verbinder en van aanbieder naar partner rondom vraagstukken in de wijk. Dat vraagt om flexibiliteit en het vermogen om mee te bewegen met een veranderende omgeving. 

Nieuwe vaardigheden en kennis 

Met deze verschuiving groeit ook de behoefte naar andere vaardigheden. Denk hierbij aan vaardigheden zoals netwerken, samenwerken en communiceren, die in deze tijd echt essentieel zijn geworden. Als buurtsportcoach werk je immers met verschillende partners, ieder met eigen belangen en werkwijzen. Iedere partner moet je dus weer op een net andere manier benaderen.  

Naast het groter wordende belang van communicatieve en sociale vaardigheden, is er steeds meer vraag naar inhoudelijke kennis op thema’s die lokaal spelen, zoals inclusie, gezondheid en participatie. De ontwikkeling van de buurtsportcoach richt zich daarmee op zowel verbreding, sterker worden in hoe je werkt, als verdieping, waarbij je je verder ontwikkelt qua kennis en kunde. 

Houvast in ontwikkeling

 Om in te spelen op deze groei, houdt de Landelijke Academie Buurtsportcoaches (LAB) zich bezig met verschillende zaken en tools. Er zijn bijvoorbeeld BRC-profielen ontwikkeld, zoals buurtsportcoach, combinatiefunctionaris onderwijs en cultuurcoach. Deze profielen geven inzicht in de kennis, de ervaring en de vaardigheden die nodig zijn binnen een specifieke rol. Ook helpen ontwikkelroutes en leerlijnen je om stappen te zetten.

Dat deze tools duidelijkheid bieden aan de buurtsportcoach, benadrukt ook Danique Agterberg, regiocoördinator van Buurtsportcoach Academy West: “Je ziet waar je staat, waar je naartoe kunt groeien en welke stappen daarvoor nodig zijn. Dat geeft richting Ă©n motivatie. Ook voor organisaties heeft dit waarde, rollen worden duidelijker en er kan gerichter worden geĂŻnvesteerd in ontwikkeling.”

Groeien in praktijk

De impact van verbreding en verdieping als buurtsportcoach, is direct terug te zien in de praktijk, zo vertelt Anton Stoter, coördinator leefstijlnetwerken bij Team Sportservice en programmalid bij Buurtsportcoach Academy West: “Als we buurtsportcoaches de ruimte geven om zich te verbreden of te specialiseren, groeit niet alleen de professional, maar groeit de wijk met hen mee.” 

Volgens Anton zit de groei vaak binnen de functie zelf. Buurtsportcoaches verbreden zich bijvoorbeeld op het gebied van samenwerking, projectcoördinatie of netwerkgericht werken. Anderen kiezen juist voor specialisatie, bijvoorbeeld in leefstijl, trainerschap of specifieke doelgroepen. Dit komt dan ook weer de wijk als geheel ten goede.  

Ontwikkelroutes maken groei zichtbaar

Een concreet voorbeeld is de Ontwikkelroute Inclusie, ontwikkeld door LAB. 
Deze route bundelt scholingen, cursussen en kennistools en maakt inzichtelijk welke stappen je kunt zetten binnen het thema inclusie en diversiteit. Zo wordt ontwikkeling concreet en tastbaar. Scholing speelt hierin een belangrijke rol, het biedt de kennis en vaardigheden die nodig zijn stappen te zetten en te begrijpen hoe de lokale en/of regionale maatschappij functioneert.

De rol van regionale academies 

De regionale academies spelen een belangrijke rol in deze ontwikkeling. Zij verbinden vraag en aanbod en zorgen dat scholing aansluit op de praktijk. Door in gesprek te blijven met buurtsportcoaches, werkgevers en gemeenten, ontstaat een aanbod dat aansluit bij wat er écht nodig is. 

Danique Achterberg: “We halen actief input op uit het werkveld. Op basis daarvan bieden we modulaire scholing aan, zodat professionals hun eigen ontwikkelroute kunnen samenstellen.” 

Ook Anton Stoter benadrukt het belang van deze aanpak: “Het werkveld vraagt om meer dan alleen uitvoeren. De buurtsportcoach is steeds vaker ook verbinder en soms zelfs netwerkregisseur. Daar moet het aanbod ook op aansluiten.” 

Blijven bewegen in een veranderende wereld 

De conclusie is helder: de buurtsportcoach blijft zich ontwikkelen, of die ontwikkeling nu voortkomt uit ambitie of via vraag vanuit het werkveld. Stilstaan wordt in ieder geval niet gezien als optie. Hulpmiddelen zoals profielen, ontwikkelroutes en scholing bieden houvast, als middel om te blijven groeien. Voor de buurtsportcoach geldt: wie anderen in beweging brengt, moet zelf ook blijven bewegen!  

Vragen en meer informatie

Wil je meer weten over de Landelijke Academie Buurtsportcoaches (LAB) en/of het cursusaanbod in Zuid-Holland en Utrecht? Neem dan contact op met Danique Agterberg via dagterberg@teamsportservice.nl of 06-25468622.

Gast: Mirjam Sterk (Minister Langdurige zorg, Welzijn & Sport)

Hoe krijgen we Nederland gezonder en veerkrachtiger nu de zorgvraag blijft groeien en het aantal zorgprofessionals onder druk staat? Volgens minister Mirjam Sterk van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport ligt een belangrijk deel van de oplossing buiten de zorg zelf. Na haar eerste honderd dagen als minister deelt zij met ons haar visie op de verbinding tussen sport, welzijn, gezondheid en leefomgeving. Daarbij kijkt ze nadrukkelijk naar gemeenten als belangrijke partners.

In deze aflevering van de Sport & Samenleving podcast gaat Sterk in op de rol van sport in onze samenleving. Niet als los beleidsterrein, maar als plek waar gezondheid, ontmoeting en preventie effectief (kunnen) samenkomen.

Sport: veel meer dan fit zijn

Wie in deze podcast naar Sterk luistert, hoort geen minister die sport uitsluitend benadert vanuit harde resultaten of deelnamecijfers. Meedoen, gezondheid en onderlinge verbinding: daarin schuilt voor haar de brede kracht van sport en bewegen.

Die visie ontwikkelde zij mede door eerdere functies waarin toegankelijkheid, inclusie en gezondheid centraal stonden. Bij Stichting MEE werkte ze aan het vergroten van kansen voor mensen met een beperking. Als gedeputeerde in Utrecht zag ze hoe leefomgeving, bewegen en gezondheid elkaar beïnvloeden. En ook persoonlijke ervaringen spelen mee. “Als kind waren voor mij buitenspelen, bewegen en actief zijn vanzelfsprekend. Een goede basis waar je de rest van je leven lol van hebt.” Deze ervaringen neemt ze mee naar haar ministerschap. Sportverenigingen, buurtsportvoorzieningen en beweegaanbieders zijn volgens haar meer dan plekken waar wordt gesport. Het zijn plekken waar mensen elkaar ontmoeten, waar sociale netwerken ontstaan en waar signalen kunnen worden opgevangen voordat ze binnen formele zorgstructuren zichtbaar worden.

Zorgdruk vereist andere manier van kijken

Dat perspectief sluit aan bij een grote uitdaging waar Nederland voor staat. De zorgkosten stijgen, terwijl er steeds minder mensen beschikbaar zijn om het werk uit te voeren. Volgens Sterk vraagt die ontwikkeling om andere keuzes in de manier waarop zorg, welzijn en preventie worden georganiseerd.

“Met meer geld kun je niet meer mensen kopen”, aldus Sterk. Waar ze voor pleit: minder snel terugvallen op de zorg, en hulpvragen eerder signaleren, duiden en via een andere route oppakken.

De minister wijst op een ontwikkeling die haar zorgen baart, namelijk: steeds meer mensen belanden met hun problemen in de zorg, terwijl dat echt niet altijd nodig is. Zij wil daarom meer inzetten op het voorkomen van problemen voordat mensen in een zorgtraject terechtkomen.

Onnodige zorgtrajecten voorkomen

Sterk gaat in op soorten hulpvragen uit zowel het huidige jeugd- als ouderenbeleid. Ze licht toe dat steeds meer jongeren gebruikmaken van jeugdzorg, terwijl achter veel hulpvragen ook welzijns- of participatievraagstukken kunnen schuilgaan.

“In de tijd dat ik Kamerlid was, toen had je één op de zevenentwintig jongeren die in de jeugdzorg zaten. Nu één op de zeven! Ja, daar gaat iets niet goed. Heel vaak gaat het ook over hulpvragen die misschien wel vooral met welzijn te maken hebben.” – Mirjam Sterk

Volgens haar is het daarom belangrijk om breder te kijken naar zinvolle oplossingen zodra iemand op enige wijze ‘vastloopt’. Over welke hulpvraag gaat dit? Soms ligt een effectiever antwoord in deelname aan activiteiten in de wijk, een sportvereniging, een buurthuis of het ontsluiten van een sociaal netwerk.

Valpreventie noemt Sterk als concreet voorbeeld voor ouderen. Een val kan voor ouderen het verschil betekenen tussen zelfstandig blijven wonen of langdurige zorg nodig hebben. Daarom wil ze graag dat er in elke gemeente een passend aanbod voor valpreventie beschikbaar komt.

Sport als plek om vroegtijdig te signaleren

Voor de minister komen preventie en vroegtijdig signaleren op veel plekken samen. Juist sportverenigingen kunnen daarin een belangrijke rol spelen. Sterk doet een oproep aan gemeenten om bijvoorbeeld breder naar hun lokale sportvoorzieningen te kijken. Sportaccommodaties en verenigingen kunnen een grotere maatschappelijke rol vervullen dan nu vaak gebeurt. Wat houdt dat nu tegen?

“Wat er nu speelt bij veel sportverenigingen is dat hun accommodaties enorm verouderd zijn. Die zijn vaak in de jaren zestig, zeventig gebouwd. En wil je ook een beetje een aantrekkelijke club zijn, dan doet een clubgebouw natuurlijk ook iets.”

Volgens Sterk kunnen moderne en multifunctionele accommodaties helpen om meer inwoners aan een vereniging te verbinden. Hoe? Door accommodaties breder in te zetten dan alleen als sportlocatie. Een impactvolle rol ziet Sterk weggelegd voor sportverenigingen die hun accommodatie openstellen voor welzijnsactiviteiten voor ouderen en jongeren, sociale ontmoetingen of andere maatschappelijke functies. “Stel, iemand is eenzaam. Dan kun je iemand naar de psycholoog sturen, óf je bekijkt hoe deze persoon misschien kan meedoen met activiteiten in de wijk, sportclub, buurthuis, klaverjassen, noem het maar.” Daarmee verandert niet het signaal, maar de manier waarop je ermee omgaat.

Gemeenten meer aan het stuur

Hoewel het Rijk richting geeft, ziet Sterk gemeenten als dé partijen die daadwerkelijk het verschil kunnen maken. Juist lokaal komen sport, welzijn, zorg, onderwijs en leefomgeving samen. Gemeenten kunnen bij uitstek de verbindingen tussen die domeinen leggen. Daarom is zij terughoudend met landelijke blauwdrukken. Want wat bijvoorbeeld werkt in een grote stad hoeft niet automatisch te werken in een kleinere gemeente. Lokale netwerken, bestaande samenwerkingen en opgedane lokale ervaringen bepalen voor een belangrijk deel welke aanpak succesvol is of kan worden.

Slimme verbindingen in de wijk

Meer mensen vaker aan het bewegen en sporten krijgen, en hun welzijn vergroten, is geen eenvoudige opgave. Volgens Sterk ontstaat de meeste impact wanneer sport, zorg en welzijn elkaar in wijken en buurten weten te vinden. Daarom ziet zij een belangrijke rol voor buurtsportcoaches, wijkteams en andere professionals die inwoners helpen bij het vinden van passend aanbod.

Allereerst moeten de juiste partijen met elkaar samenwerken, aldus Sterk. Zo kunnen gemeenten samen met verenigingen goed kijken naar de beschikbaarheid en toegankelijkheid van clubs, het aanbod en lokale sportfaciliteiten in wijken – voor iedereen, zeker ook mensen met een beperking. Investeren in buurtsportcoaches verdient volgens Sterk ook prioriteit. Dit omdat zij een belangrijke rol kunnen spelen bij het vroeg signaleren van hulpvragen en het begeleiden van inwoners naar passend aanbod.

Daarnaast geeft ze aan te werken aan een zogenaamde ‘basisstructuur in wijken’: dit moet helpen op lokaal niveau een effectief sport- en beweegaanbod neer te zetten. Tot slot ziet ze heil in kundige wijkteams, onder meer om hulpvragen vanuit een brede expertise te kunnen duiden, voor een passend vervolg.


Integraal en inclusief sporten

Meedoen vormt een belangrijke pijler van Sterks visie op sport en samenleving. Maar niet iedereen vindt vanzelf de weg naar sport en bewegen. Fysieke drempels, onduidelijke informatie, beperkte toegankelijkheid van accommodaties of het ontbreken van passende sporthulpmiddelen kunnen deelname in de weg staan.

Sterk pleit daarom voor een inclusieve benadering waarbij sportvoorzieningen beter toegankelijk zijn voor verschillende groepen inwoners. Maar ook dat mensen – jong en ouder – niet onnodig in aparte groepjes terechtkomen, bijvoorbeeld in de sportschool. Juist het samen sporten en bewegen draagt volgens haar bij aan een sterke en verbonden samenleving.


Sterks boodschap aan gemeenten

Na haar eerste honderd dagen schetst minister Sterk een heldere richting. In haar visie is sport niet alleen een vorm van vrijetijdsbesteding, maar echt een middel om gezondheid, welzijn en maatschappelijke betrokkenheid te versterken. Juist daarom kijkt zij nadrukkelijk naar gemeenten. Daar komen gezondheid, welzijn, zorg en leefomgeving samen, dus daar ligt volgens haar een belangrijke verbindende sleutel voor de toekomst.

Werk jij bij een gemeente die zoekt naar manieren om sport, welzijn en gezondheid meer met elkaar te organiseren? Dan biedt deze aflevering volop stof tot nadenken. Luister nu de volledige aflevering van de Sport & Samenleving Podcast voor het complete gesprek met minister Mirjam Sterk.

Over onze gast

Portretfoto Minister Mirjam Sterk en podcastmaker Lennart Booij

Mirjam Sterk is minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport. In deze aflevering vertelt zij hoe haar persoonlijke achtergrond en bestuurlijke ervaring haar visie op sport, gezondheid, welzijn en preventie hebben gevormd.

Luister naar aflevering #38 van de Sport & Samenleving Podcast met minister Mirjam Sterk en ontdek hoe de rolverdeling tussen Rijk en lokale praktijk vorm krijgt in vraagstukken rond sport, zorg en samenleving.

Abonneer je op de podcast

Geen aflevering meer missen? Abonneer je dan op de Sport & Samenleving Podcast. Deze is beschikbaar via onderstaande podcast apps. Maak uw keuze en veel luisterplezier!

Shownotes

Hoe zorg je ervoor dat iedereen zich veilig en prettig voelt op de sportclub? Vijftien deelnemers uit de wereld van de sportclubs hebben deze vraag beantwoord tijdens de zogenoemde VCP-cursus (vertrouwenscontactpersoon), georganiseerd door Team Sportservice. De cursus bestond uit twee avonden en stond in het teken van kennisdeling, ontmoeting en het versterken van de sociaalveilige lokale sportomgeving.

Tijdens de avonden werd er dieper ingegaan op de functie van een vertrouwenscontactpersoon binnen een sportclub. Goed om dit alles te weten, want een vertrouwenscontactpersoon is namelijk het eerste aanspreekpunt voor sporters, ouders, trainers, vrijwilligers en bestuurders die vragen of zorgen hebben over grensoverschrijdend gedrag. Denk hierbij aan vormen van pesten, discriminatie, agressie of seksuele intimidatie. Door hieraan mee te doen, versterken de deelnemers hun rol binnen de organisatie en in het onderlinge netwerk.

Ervaringen uitwisselen

Naast het verkrijgen van meer informatie, gingen de in totaal vijftien deelnemers, onder leiding van Sandra Korteweg van NOC*NSF, aan de slag met praktijkcases en herkenbare situaties uit het verenigingsleven. Daarnaast konden de deelnemers ook vooral met elkaar in gesprek gaan om de eigen ervaringen uit te wisselen, wat zorgde voor een waardevolle avond. ‘’Het was mooi om te zien hoe de deelnemers echt actief met elkaar in gesprek gingen en zo van elkaar leerden’’, vertelt Mark Scheer, clubondersteuner bij Team Sportservice. ‘’Juist die combinatie van kennisdeling en ontmoeting maakt deze avonden zo waardevol; voor de deelnemers zelf en voor de club waar ze bij betrokken zijn.’’

Over de vertrouwenscontactpersoon

Een vertrouwenscontactpersoon is aanwezig op sportclubs om ervoor te zorgen dat iedereen met vragen, zorgen of mogelijke meldingen van grensoverschrijdend gedrag, weet bij wie ze moet zijn. Een vertrouwenscontactpersoon gaat in gesprek en bepaalt dan wat de mogelijke vervolgstappen zouden kunnen zijn. Naast het helpen bij incidenten die gaan over grensoverschrijdend gedrag, helpt een vertrouwenscontactpersoon de sportclub bij preventie en de implementatie van bijvoorbeeld de gedragscode. Deze functie vormt dus een onmisbare schakel voor het opvolgen én voorkomen van grensoverschrijdend gedrag, in welke vorm dan ook.

Team Sportservice is alweer bijna een jaar actief in de gemeente Molenlanden. De organisatie zet zich in voor een gezonde, actieve en vitale leefomgeving en ondersteunt inwoners, verenigingen, scholen en maatschappelijke organisaties op het gebied van sport, bewegen en gezondheid.

Binnen de gemeente is Team Sportservice er voor inwoners, sportclubs en andere lokale partners. Bovendien richt Team Sportservice zich verder specifiek op de oudere, jongere en kwetsbare doelgroep wat betreft het stimuleren van een gezonde leefstijl. Hier is de valpreventie-aanpak een goed voorbeeld van. Om dit alles goed te kunnen doen, werkt de organisatie samen met lokale partners uit sport, onderwijs, zorg en welzijn. Ook ondersteunt Team Sportservice sportclubs bij maatschappelijke vraagstukken, samenwerkingstrajecten en lokale initiatieven rondom sport en gezondheid.

“Sport en bewegen brengt mensen samen en draagt bij aan een gezonde leefomgeving’’, vertelt Milet Waas, regiomanager bij Team Sportservice in Zuid-Holland Zuid. ‘’Wij willen zichtbaar en bereikbaar zijn voor iedereen in Molenlanden die iets wil doen met sport, bewegen of gezondheid. Of het nu gaat om ondersteuning voor clubs, activiteiten voor inwoners of het verbinden van lokale organisaties: ons doel is om een passende manier van bewegen te vinden voor elke Molenlander.”

Inclusie en vitaliteit

Naast het stimuleren van sport en bewegen zet Team Sportservice Molenlanden zich ook in voor thema’s als inclusie, leefbaarheid en vitaliteit. Door samen te werken met lokale organisaties, initiatieven en door middel van het regioverband Inclusief Sporten wil de organisatie bijdragen aan een omgeving waarin iedereen mee kan doen, ongeacht leeftijd of achtergrond.

Inwoners en organisaties kunnen bij Team Sportservice terecht met vragen, ideeën en initiatieven rondom sport, bewegen en gezondheid. Op dinsdag 2 juni organiseert Team Sportservice bijvoorbeeld het eerste Sportcafé in de gemeente; een goed moment om kennis te maken met het team.

Meer weten over onze inzet in de gemeente Molenlanden?

Gast: Bart Götte

Iedereen staat constant bloot aan veranderingen, die de toekomst vormgeven. Door maatschappelijke transities verandert o.a. de (sociale) rol van verenigingen en sportlocaties, leeft niet elke groep even gezond, en is vitaliteit Úcht een maatschappelijke noodzaak geworden. Hoe kunnen beleidsmakers en bestuurders in het sport- en preventiedomein de kracht van veranderingen benutten? In aflevering 37 van onze Sport & Samenleving Podcast spreken we daarover met Bart Götte, toekomstdenker en transitiespecialist.

De samenleving als kosmos: alles beĂŻnvloedt elkaar

Bart Götte beschrijft hoe hij vanuit zijn achtergrond in psychoneuroimmunologie heeft geleerd om complexiteit te waarderen. “Het immuunsysteem is complex, alles rondom het zenuwstelsel is complex en als je die boel bij elkaar combineert en dan kijkt naar stressfactoren, dat is ook uitermate complex.” Volgens hem functioneren maatschappelijke transities op dezelfde manier: niet lineair, niet overzichtelijk, maar als een dynamisch netwerk van invloeden, “waar het gaat over hoe het in samenwerking functioneert.” Voor beleidsmakers betekent dit dat sport geen geĂŻsoleerd domein is, maar verbonden met arbeidsmarkt, zorgdruk, sociale cohesie en fysieke leefomgeving.

Waarom is het realiseren van verandering zo lastig?

Wie beleid maakt, merkt dat verandering soms langzamer gaat dan gehoopt. Götte legt uit waarom: “Padafhankelijkheid betekent dat je op weg naar de toekomst de rugzak van het verleden meeneemt.” Die rugzak bestaat uit gewoontes, structuren, patronen, overtuigingen en systemen die ooit logisch waren, maar nu in de weg kunnen zitten. “Dat bepaalt de opties en de snelheid waarmee je iets kan veranderen.” Het verklaart waarom zelfs goed bedoeld beleid vastloopt of onbedoelde bijeffecten heeft. Niet omdat mensen niet willen veranderen, maar omdat systemen minder snel schakelen dan de samenleving om hen heen.

De arbeidsmarkt kantelt: de opkomst van informeel werk

Een belangrijke transitie die ook het sport- en preventiedomein raakt, is die van de arbeidsmarkt. We gaan van een tijd met veel werkenden naar een samenleving met minder formele arbeidskrachten en meer mensen die informele rollen vervullen. Götte schetst dat “het informele werk, zoals mantelzorg, steeds meer ruimte gaat vragen”, terwijl “steeds minder mensen in het arbeidsproces” zitten. Dat heeft directe impact op sportverenigingen, vrijwilligerscapaciteit en de behoefte aan laagdrempelig, nabij georganiseerd aanbod.

“Vroeger was het: leef er lekker op los, de zorg raapt je wel op. Nu is het: blijf vitaal, want zorg is niet langer gegarandeerd.” – Bart Götte

De vitaliseringstransitie

De verschuiving van ziekte en zorg naar preventie en vitaliteit is volgens Götte een van de moeilijkste transities. Niet omdat we niet weten wat gezond gedrag is, maar omdat onze omgeving ons voortdurend verleidt tot het tegenovergestelde. “Vroeger was het: leef er lekker op los, de zorg raapt je wel op. Nu is het: blijf vitaal, want zorg is niet langer gegarandeerd.” Daarmee wordt vitaliteit geen individueel vraagstuk, maar een maatschappelijke noodzaak en een complex vraagstuk dat gewoontes, omgeving en verleidingen raakt.

Wijken als spiegels van de toekomst

De data die Götte aanhaalt, laten zien dat groepen zich verschillend ontwikkelen. Ouderen sporten meer, mensen met een slechte gezondheid sporten meer, maar jongeren juist minder. Hij noemt dit tempowisselingen en ziet ze als signaal “dat we sommige groepen over het hoofd zien.” Wijken waar mobiliteit beperkt is, waar weinig ontmoetingsplekken zijn of waar de sociale basis broos is, laten precies zien waar de grootste gezondheidswinst te behalen valt.

Sportplekken als ontmoetingsruimtes

Een van de meest aansprekende beelden uit het gesprek is hoe sportlocaties veranderen. “Fitnesscentra worden de nieuwe buurthuizen,” zegt Götte. Hij ziet hoe apparatenruimtes plaatsmaken voor “zitjes, koffiecorners, werkplekken” en hoe groepslessen meer ruimte krijgen. “Ik denk dat ze heel goed snappen dat er niet zo heel veel plekken meer zijn waar je sociaal fysiek bij elkaar komt, zeker niet voor jongeren.” Ook sportverenigingen hebben volgens hem een kans: “In het woord vereniging zit een sociaal karakter,” een waarde die belangrijker wordt dan ooit.

Bij experimenteren is het doel nooit om het resultaat te halen. Het doel is leren waarom het mislukt. En dan is elk experiment geslaagd.”

Maak van experimenteren je werkhouding

Waar traditionele aanpakken hun grenzen bereiken, ontstaat ruimte om te leren. “Bij experimenteren is het doel nooit om het resultaat te halen,” zegt Götte. “Het doel is leren waarom het mislukt. En dan is elk experiment geslaagd.” Het is een uitnodiging aan beleidsmakers om niet te streven naar perfectie, maar naar beweging en in partnerschap met buurten, verenigingen, scholen en sportaanbieders.

“Hoopvol op weg naar een ongekend perspectief”

Ondanks de complexiteit blijft Götte optimistisch. “Ik ben hoopvol op weg naar een ongekend perspectief,” zegt hij. Verandering biedt ruimte voor nieuwe manieren van samenleven, nieuwe vormen van sport en bewegen, en nieuwe kansen voor lokale gemeenschappen. De vraag is niet of er beweging is, maar of we durven meebewegen.

Over onze gast

Bart Götte en Lennart Booij tijdens de opname van podcast aflevering 37.

Bart Götte, business futurist en transitiespecialist, werkzaam vanuit zijn eigen bedrijf FutureFlock. Over waarom hij transities onderzoekt: “Ik was het eigenlijk altijd al aan het doen. De rode draad is dat je complexiteit leuk vindt. En een kosmos waarin alles op elkaar inwerkt met onverwachte wendingen, dat maakt transities exotisch en fascinerend. Je raakt nooit uitgeleerd.”

Luister nu naar aflevering #37 van de Sport & Samenleving Podcast en ontdek hoe maatschappelijke transities onze leefomgeving, vitaliteit en sportvoorzieningen veranderen en wat dit betekent voor beleidskeuzes.

Abonneer je op de podcast

Geen aflevering meer missen? Abonneer je dan op de Sport & Samenleving Podcast. Deze is beschikbaar via onderstaande podcast apps. Maak uw keuze en veel luisterplezier!

Shownotes

Met elkaar werken aan een gezondere en energiekere leefstijl: Team Sportservice is gestart met Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) in de gemeente Krimpenerwaard, Zuid-Holland. Met het programma Samen Sportief in Beweging werken deelnemers stap voor stap aan een gezonder leven. 

Leefstijlprogramma 

Dit leefstijlprogramma is bedoeld voor volwassenen met overgewicht in combinatie met een verhoogd risico op gezondheidsproblemen, of voor mensen met obesitas. Twee jaar lang werken deelnemers in groepsverband en individueel aan een gezonder gewicht en een leefstijl die op de lange termijn vol te houden is. Het doel: meer energie, een betere fitheid en een structurele verbetering van de gezondheid. Dit gebeurt onder begeleiding van een leefstijlcoach, een beweegprofessional en een voedingsdeskundige en loopt volgens verschillende leefstijlthema’s, zoals: beweging, voeding, slaap en stress.  

“Het gaat ons om de blijvende verandering”, vertelt leefstijlcoach en voedingsdeskundige Cyril van den Wijngaard. “We kijken samen met de deelnemers naar hun huidige situatie en zoeken naar haalbare stappen die op de lange termijn echt verschil maken.” 

Deelname aan het traject gaat via een verwijzing van de huisarts en wordt volledig vergoed vanuit de basisverzekering: meedoen kost dus niets extra’s. Wel wordt verwacht dat deelnemers de motivatie hebben om gedurende twee jaar actief aan hun leefstijl te werken. Gewoontes veranderen, kost immers de nodige tijd.  

Lokaal en samen 

Gedurende de eerste vier maanden bestaat het programma uit twee groepsbijeenkomsten per week: één gericht op beweging en één gericht op voeding. Hierbij maakt de groep ook kennis met verschillende lokale sportaanbieders. Op deze manier kunnen deelnemers ontdekken wat ze echt leuk vinden om te doen, als het op bewegen aankomt. Bovendien wordt de drempel om te gaan bewegen zo verlaagd. Het kennismaken met de lokale sportaanbieders helpt de deelnemers om een beweegactiviteit te kiezen die ze na vier maanden mogelijk kunnen gaan beoefenen. Het gaat erom dat de deelnemers lekker in beweging komen. Na deze maanden worden namelijk de contactmomenten minder en gaan de deelnemers meer in de praktijk aan de slag.  

“Plezier in het bewegen is belangrijk om het ook daadwerkelijk vol te kunnen houden”, voegt beweegcoach Sacha van der Maden toe. “We laten deelnemers ervaren dat bewegen niet alleen gezond is, maar ook leuk kan zijn. Door verschillende activiteiten uit te proberen, vindt iedereen iets wat echt bij hem of haar past.” 

In de laatste periode van het programma stellen de deelnemers, samen met de leefstijlcoach, doelen op om aan de eigen gezondheid te blijven werken. Deelnemers komen er steeds meer achter wat wel en wat juist niet werkt en blijven zo gemotiveerd om goed voor zichzelf te zorgen.  

Meer weten? 

Vragen of behoefte aan meer informatie? Neem contact op met een van onze collega’s via gli-krimpenerwaard@teamsportservice.nl.

Hoe zorg je ervoor dat Ă©cht iedereen kan meedoen in de sport, ongeacht een zichtbare of onzichtbare beperking? Exact deze vraag stond centraal tijdens de inspiratieavond ‘Sport voor Iedereen’, georganiseerd vanuit het regioverband Aangepast Sporten Midden-Holland. In Sportcentrum De Zuidplas in Moordrecht kwamen op donderdagavond 5 februari zo’n dertig vertegenwoordigers van sportclubs en sportaanbieders bijeen om kennis, ervaringen en praktische handvatten te delen.

De avond bracht een diverse groep deelnemers samen: bestuursleden, trainers, docenten en vrijwilligers. Ook buurtsportcoaches uit de vijf gemeenten in de regio waren aanwezig.

Denken in mogelijkheden

De inspiratieavond werd afgetrapt door oud-olympiĂ«r en -paralympiĂ«r, Jeroen Straathof. Hij vertelde onder meer over zijn eigen sportverleden en zijn visie op inclusief sporten. Met zijn verhaal onderstreept Straathof dat beperkingen geen eindpunt hoeven te zijn, maar juist het begin vormen van nieuwe mogelijkheden: ‘’Kijk als vereniging naar kansen in plaats van naar drempels. Met zoveel verschillende sporten vertegenwoordigd, kun je enorm veel van elkaar leren.’’

Om zijn boodschap kracht bij te zetten, vertelde Straathof over een sporter met beenprothese die hij heeft begeleid in het aangepast schaatsen: van het vinden van een geschikte schaats tot het daadwerkelijk leren schaatsen. Dit traject vroeg om creativiteit, maatwerk en doorzettingsvermogen. Juist dat zorgt ervoor dat iedereen mee kan doen in de sport, ongeacht een beperking.  

Naast het denken in mogelijkheden, benadrukte de oud-olympiĂ«r en -paralympiĂ«r dat het belangrijk is om het netwerk actief te benutten: ‘’In elke gemeente zijn buurtsportcoaches en andere clubs die kunnen helpen. Samen bereik je immers veel meer.’’

Iedereen doet MEE

Na een korte pauze was het de buurt aan Caroline Lanser van MEE Plus, een organisatie die mensen met een beperking ondersteunt bij het meedoen in de samenleving. Met de interactieve workshop Iedereen doet MEE nam ze de deelnemers mee in de wereld van niet-zichtbare beperkingen, zoals autisme, een licht verstandelijke beperking (LVB) en een niet-aangeboren hersenletsel (NAH).

Naast achtergrondinformatie lag de nadruk vooral op praktische toepasbaarheid. Trainers en begeleiders kregen dan ook concrete tips op het gebied van communicatie, pedagogiek en didactiek; zo is het belangrijk om bewust te zijn van je eigen gedrag en taalgebruik. Bovendien leerden de deelnemers hoe ze beter kunnen controleren of instructies daadwerkelijk begrepen zijn. Een andere belangrijke methode die daarbij werd besproken, was Geef me de 5. Instructies worden dan opgebouwd aan de hand van vijf vragen: wie, wat, waar, wanneer en hoe. Door deze informatie op te delen in duidelijke stappen, wordt het voor sporters overzichtelijker en dus toegankelijker om mee te doen.

Rollenspellen en oefeningen

Tijdens de workshop gingen deelnemers zelf actief aan de slag. In oefeningen en rollenspellen ervaarden zij hoe onduidelijke instructies kunnen leiden tot verwarring, en hoe kleine aanpassingen juist een groot verschil kunnen maken in het gevoel van inclusie en succes. Daarbij stond één uitgangspunt centraal: een succeservaring is pas echt een succes als de sporter dat zelf ook zo beleeft.

Verbinden en vooruitkijken

De avond werd afgesloten met een netwerkborrel, waar deelnemers de gelegenheid kregen om ervaringen uit te wisselen en nieuwe samenwerkingen te verkennen.

Team Sportservice organiseerde deze avond samen met SPORT‱GOUDA, Sport & Welzijn Bodegraven-Reeuwijk, Team Sportservice Krimpenerwaard, Waddinxveen Beweegt en Sportstichting Zuidplas, en kijkt terug op een geslaagde avond.

Onze specialist staat voor je klaar!

Heb je een vraag? Je kunt de coördinator aangepast sporten bereiken via onderstaande contactgegevens.

Marieke Reitsma

Coördinator Aangepast Sporten

  • mreitsma@teamsportservice.nl
  • 06-55008871

Regionale samenwerking aangepast sporten

In een regioverband werken gemeenten met elkaar samen om sport en bewegen, voor inwoners met een beperking, mogelijk te maken. Elk samenwerkingsverband heeft een regiocoördinator, geleverd door Team Sportservice. De regiocoördinator fungeert, in opdracht van de gemeenten, als spin in het web om de gezamenlijke ambities te realiseren. Team Sportservice vervult deze rol in twee regio’s in Zuid-Holland. Het regioverband Midden-Holland bestaat uit de gemeente Bodegraven-Reeuwijk, Waddinxveen, Zuidplas, Krimpenerwaard en Gouda.

Gasten: Ellis van der Weerden & Nathan Stukker

In veel gemeenten is de waarde van sport en preventie al jaren bekend, maar in de praktijk raakt het vaak ondergesneeuwd door grotere beleidsdossiers. In aflevering 36 van de Sport & Samenleving Podcast gaat het over hoe je samenwerking versterkt: door te gunnen, vertrouwen op te bouwen en samen doelen vast te houden. Ook bespreken onze gasten hoe gemeenten sport en preventie structureler kunnen verankeren. Met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht biedt het gesprek een actueel perspectief op keuzes die de komende raadsperiode bepalend worden voor gezondheid, leefbaarheid en kansengelijkheid.

“Samenwerking lukt pas als je elkaar iets gunt”

Deze aflevering aan het woord: Ellis van der Weerden, directeur-bestuurder van Team Sportservice, en Nathan Stukker, partner bij BMC. Vanuit hun dagelijkse werk met gemeenten, sportorganisaties en maatschappelijke partners zien zij hoe samenwerking tot stand komt, waar het stokt en welke houding het verschil maakt. Wat zij keer op keer terugzien, is dat echte vooruitgang begint bij de bereidheid om ruimte te geven aan andere partijen en perspectieven. Die wederkerigheid vormt de basis voor duurzame samenwerking in het sociaal en sportief domein, zeker nu veel gemeenten zoeken naar stabiliteit en richting in aanloop naar de nieuwe raadsperiode.

Samenwerking begint bij houding

Samenwerking ontstaat niet door nieuwe overlegstructuren, maar door een manier van werken waarin partners elkaar ruimte geven. Het gaat om een houding die samenwerking niet kleiner maakt, maar juist vergroot. Het gaat om de bereidheid om voorbij de eigen logica te denken en te accepteren dat oplossingen soms bij anderen beginnen. “Het echte probleem gaat veel meer over hoe je met elkaar kijkt naar hoe je de samenleving inricht. Dat is een andere vraag dan hoe je met budgetten omgaat,” aldus Nathan Stukker. Wanneer gemeenten partners deze ruimte gunnen, wordt samenwerken een vanzelfsprekender onderdeel van beleid.

“Dit zijn aanpakken van de lange adem. Je hebt niet over een jaar fantastische resultaten. Het consistent doortrekken van beleid gaat opbrengsten opleveren. Maar dat betekent volhouden.” – Nathan Stukker

De lange adem maakt beleid sterker

Valpreventie, leefstijlloketten, buurtsportcoachnetwerken: veel bewezen interventies vragen tijd om effect te hebben. Toch worden ze vaak in te korte cycli beoordeeld. Nathan: “Dit zijn aanpakken van de lange adem. Je hebt niet over een jaar fantastische resultaten. Het consistent doortrekken van beleid gaat opbrengsten opleveren. Maar dat betekent volhouden.”

Ook Ellis gaf aan hoe essentieel duurzaamheid is. Gemeenten die meerjarig investeren, oogsten later gezondheidswinst en lagere zorgdruk. “Als wij onze gezondheid niet beschermen, krijgen we gigantische kosten. Wat je nu ziet in de ketenaanpak bij valpreventie is geweldig. Maar dat lukt alleen als je durft te investeren en de tijd neemt,” zegt Ellis.

“Als wij onze gezondheid niet beschermen, krijgen we gigantische kosten. Wat je nu ziet in de ketenaanpak bij valpreventie is geweldig. Maar dat lukt alleen als je durft te investeren en de tijd neemt” – Ellis van der Weerden

Professionals weten wat werkt

Wie dagelijks in buurten werkt, ziet wat inwoners nodig hebben. In het gesprek werd benadrukt dat lokaal vakmanschap beter rendeert wanneer professionals ruimte krijgen. Nathan Stukker: “Geef ruimte aan mensen in de praktijk die er echt verstand van hebben. Wanneer zij de ruimte krijgen om in die gemeenschappen waar ze actief zijn het werk te doen, dan ga je pas echt beweging zien.”

Het is precies deze combinatie van lokale kennis en professionele ruimte die beleid werkend maakt. Ellis: “Iedereen heeft zijn eigen systeem, je moet soms over je schaduw heen stappen. Maar als je dat doet, dan zie je ineens de opbrengsten.”

Grip houden zonder te verstikken

Voor veel beleidsmakers is het vinden van de juiste balans tussen sturing en professionele ruimte een terugkerend vraagstuk. In de podcast maakten zowel Ellis als Nathan duidelijk dat grip niet ontstaat door meer controle, maar door heldere afspraken aan de voorkant en regelmatig contact met partners in de uitvoering. Nathan benadrukte dat raadsleden vooral behoefte hebben aan inzicht in wat er gebeurt, zonder dat alles dichtgeregeld wordt. Terwijl Ellis liet zien dat grip in de praktijk juist sterker wordt wanneer samenwerkingsrelaties goed zijn. Voor gemeenten betekent dit dat sturen op richting en effecten effectiever is dan detaillistisch toezicht. Zo blijft de koers helder, zonder de dynamiek in wijken te blokkeren.

“Iedereen heeft zijn eigen systeem, je moet soms over je schaduw heen stappen. Maar als je dat doet, dan zie je ineens de opbrengsten.” – Ellis van der Weerden

Wat gemeenten nu kunnen meenemen richting de verkiezingen

De inzichten uit de aflevering sluiten nauw aan bij de keuzes die de komende raadsperiode gemaakt moeten worden. Nathan schetste scherp hoe belangrijk het is dat gemeenten niet blijven denken in losse projecten, maar in samenhang en continuïteit. Ellis benadrukte dat structureel investeren in partnerschappen – in plaats van in korte beleidsimpulsen – noodzakelijk is om echt gezondheidswinst te boeken.

Voor beleidsmakers betekent dit inzetten op meerjarige akkoorden, stabiele samenwerking met lokaal vakmanschap en het borgen van sport en preventie als structureel onderdeel van een sterke sociale basis. De verkiezingen bieden een kans om prioriteiten te verleggen en sport niet langer als losse voorziening te beschouwen, maar als onderdeel van de basisinfrastructuur van een gezonde en leefbare gemeente.

Over onze gasten

Portretfoto's tijdens opname: van links naar rechts: Ellis van der Weerden, Nathan Stukker en host Lennart Booij

Ellis van der Weerden, directeur-bestuurder van Team Sportservice. Over waarom ze sport: “Omdat ik zelf heb ervaren wat het doet voor mijn fysieke welzijn en hoe lekker ik me voel als ik sport. Maar ook als ik heel veel stress heb, heb ik ontdekt dat als ik dan een rondje ga hardlopen, dat ik daar enorm van opknap en dat er heel veel stress weg is.”

Nathan Stukker, partner bij BMC, over wat sport voor hem betekent: “Voor mij is het ook wel buiten zijn. En ik zie het bij mijn drie kinderen wat het belang van sport voor hen is: je eigen team, je eigen omgeving, je eigen sport ontdekken die je leuk vindt.”

Luister nu naar aflevering #36 van de Sport & Samenleving‑podcast en ontdek hoe gemeenten, professionals en partners samenwerken aan duurzaam sport- en preventiebeleid, met ‘gunnen’ als sleutel.

Abonneer je op de podcast

Geen aflevering meer missen? Abonneer je dan op de Sport & Samenleving Podcast. Deze is beschikbaar via onderstaande podcast apps. Maak uw keuze en veel luisterplezier!

Shownotes

Als Team Sportservice Zuid-Holland coördineren en beheren wij het platform van de Landelijke Academie Buurtsportcoaches (LAB) voor de regio Zuidwest. De verschillende regionale academies voorzien buurtsportcoaches (en andere sportprofessionals) van relevant en toegankelijk scholingsaanbod. Zo blijven zij zich ontwikkelen, bewegen zij mee met veranderingen en kunnen zij lokaal het verschil (blijven) maken met sport en bewegen. De toegevoegde waarde van de regionale academies voor buurtsportcoaches lichten wij graag verder toe.

DE ROL VAN DE BUURTSPORTCOACH

Buurtsportcoaches spelen een steeds belangrijkere rol bij het behalen van lokale ambities. Denk aan het stimuleren van een gezonde leefstijl, het versterken van sociale verbindingen en het vergroten van de leefbaarheid in wijken. De buurtsportcoach vervult hierin meerdere rollen: uitvoerend, ondersteunend, initiërend en/of verbindend. In plaats van hun rol vanuit de beleidskant te belichten, is het juist ook van belang om de toegevoegde waarde vanuit de inwonerskant te bekijken. We vergeten namelijk soms waarom hun werk zo betekenisvol is. De buurtsportcoach staat midden in de wijk, weet wat er speelt en kan zodoende snel inspelen op de behoeftes. Zij brengen inwoners in beweging (letterlijk én figuurlijk), nemen drempels weg en begeleiden hen stap voor stap naar gezonder leven. Zo maken zij direct impact op het leven van de inwoner. Blijven ontwikkelen is daarbij essentieel.

NIEUWE INZICHTEN IN DE PRAKTIJK BRENGEN

In Zuid-Holland wordt dagelijks duidelijk hoe gerichte scholing de buurtsportcoaches helpt om hun werk beter uit te voeren. Zo volgde DaniĂ«lle van der Zanden, beweegcoach in Schiedam, de cursus ‘Meer Bewegen voor Ouderen’. DaniĂ«lle legt uit: “Dankzij deze cursus heb ik meer inzicht gekregen in sporten voor senioren. Waar moet je rekening mee houden? En hoe kun je vernieuwen binnen kaders en beperkingen? De antwoorden daarop bieden relevante inzichten die ik kan inzetten in mijn dagelijkse werkzaamheden.

GOEDE SCHOLING

Het is voor de buurtsportcoach belangrijk om zich te blijven ontwikkelen. DaniĂ«lle licht dit toe. “In mijn rol zorg ik voor coördinatie en verbinding in de wijk. Daarbij kijk ik hoe we initiatieven op het gebied van sport en bewegen kunnen ondersteunen en uitvoeren. Het is belangrijk dat ik over verschillende onderwerpen en thema’s genoeg kennis heb, zodat ik gerichter kan helpen en mensen met elkaar kan verbinden. De kennis en praktische handvatten uit de cursussen kan ik goed gebruiken en delen met de lokale partijen waarmee ik samenwerk. Zij werken dagelijks met deze doelgroep, dus deze informatie is voor hen heel waardevol. Door goede scholing kan ik méér impact maken dan voorheen.”

DE KRACHT VAN SCHOLING EN DOORONTWIKKELING

Er worden steeds meer scholingen aangeboden voor buurtsportcoaches, zowel verdiepend als verbredend. Via deze vaak praktijkgerichte scholingen doen de professionals nieuwe kennis op, zodat ze slagvaardiger kunnen opereren. Een aantal voorbeelden op een rijtje:

Om ervoor te zorgen dat het scholingsaanbod blijft aansluiten bij de behoeften van buurtsportcoaches, wordt regelmatig een behoeftepeiling uitgevoerd. Wanneer er vraag is naar aanbod dat nog ontbreekt, wordt dit ontwikkeld. Op deze manier kan een buurtsportcoach gerichte keuzes maken die passen bij diens carriĂšrepad, maar die ook aansluiten bij wat er speelt in de wijk. Zo bouwen we samen aan sterke professionals die inwoners in beweging brengen. Tegelijkertijd werken we aan een toekomstbestendige sport- en beweegsector en aangrenzende domeinen zoals preventie.

VRAGEN EN MEER INFORMATIE

Wil je meer weten over de Landelijke Academie Buurtsportcoaches (LAB) en/of het cursusaanbod in Zuid-Holland? Neem dan contact op met Danique Agterberg via dagterberg@teamsportservice.nl of 06-25468622.

*Waar in het artikel ‘buurtsportcoach’ staat, worden ook alle andere professionals, die vanuit de rijksregeling ‘Brede Regeling Combinatiefuncties’ worden betaald, bedoeld.

Team Sportservice Zuid-Holland en de Koninklijke Nederlandse Zwembond (KNZB) slaan de handen ineen om de zwemsport in de provincie te versterken. Om zwemverenigingen vitaal te houden, is er in Nederland een breed aanbod aan clubondersteuning. Dat aanbod is waardevol, maar door de hoeveelheid initiatieven is het niet altijd duidelijk welke ondersteuning beschikbaar is en waar verenigingen terechtkunnen. Dankzij deze samenwerking kunnen we zwemverenigingen in Zuid-Holland gerichter en overzichtelijker ondersteunen.

Danique Agterberg, coördinator Provinciale Projecten bij Team Sportservice, is blij met de samenwerking: ‘Als verbinder gaan we in gesprek met zwemverenigingen om hun behoeften te achterhalen. Zo versterken we het netwerk en creĂ«ren we nieuwe kansen voor zwemverenigingen. Ik kijk ernaar uit om samen met de KNZB te werken aan een toekomstbestendige zwembranche in Zuid-Holland.’

De samenwerking richt zich op het relatiebeheer met de zwemverenigingen in de provincie, waarbij wij de provinciale verbinder zijn tussen zwemverenigingen, gemeenten en de KNZB.

Paulien van den Boogaard, programma coördinator KNZB, over het belang van de samenwerking op provinciaal niveau. “De samenwerking sluit aan bij onze ambitie om zwemverenigingen zo dicht mogelijk bij huis te ondersteunen. Door samen te werken met Team Sportservice Zuid-Holland creĂ«ren we overzicht, versterken we het netwerk en zorgen we ervoor dat verenigingen sneller en gerichter geholpen worden bij hun vraagstukken,”

Provinciale accountmanagers

De samenwerking binnen de provincie Zuid-Holland sluit aan bij de bredere ambitie van de KNZB om met lokale uitvoerders samen te werken volgens de één-loketgedachte Clubondersteuning, zoals bedoeld in Sportakkoord II. Zo is er in elke provincie een coördinator actief die het relatiebeheer met zwemverenigingen en sportbonden oppakt. In Zuid-Holland vervult Danique deze rol namens Team Sportservice.

Deze samenwerking draagt bij aan ons doel om iedereen, van 0 tot 100 jaar, fit en vitaal te houden. Door gerichte ondersteuning versterken we de positie van zwemverenigingen: kansen worden benut en uitdagingen pakken we gezamenlijk op. Zo werken we samen aan een gezonder Zuid-Holland, waarin zoveel mogelijk sporters samen in beweging (kunnen) komen.

Brede en op maat gemaakte ondersteuning

Danique fungeert binnen deze samenwerking als schakel tussen de verschillende partijen. ‘We bieden gerichte ondersteuning op thema’s zoals clubontwikkeling, ledenwerving en -behoud, lokale sportakkoorden en duurzame sportinfrastructuur. Bij inhoudelijke vragen helpen wij verenigingen door hen te verbinden met de juiste middelen of deskundigen binnen het netwerk.’

Daarnaast worden er bijeenkomsten georganiseerd waarin verenigingen en bonden worden geĂŻnformeerd over diverse ondersteuningsmogelijkheden. Denk hierbij aan de inzet van buurtsportcoaches, het Sport Professionals Netwerk, ondersteuning via Rabobank Clubsupport, de Lokale Sportakkoorden en de samenwerking tussen sportgenerieke en sportspecifieke partners.

Dankzij deze aanpak kunnen zwemverenigingen in Zuid-Holland profiteren van een brede en op maat gemaakte ondersteuning, waarbij de samenwerking tussen landelijke en provinciale partijen optimaal wordt benut.

Vragen en meer informatie

Zwemverenigingen in Zuid-Holland met vragen of ondersteuningsbehoeften kunnen contact opnemen met Danique Agterberg via dagterberg@teamsportservice.nl of 06-25468622.